Angst Dwang en Fobie stichting



Uitleg Second opinion NedKAD

Inleiding

NedKAD krijgt regelmatig vragen over gevolgde behandelingen en voorgeschreven medicatie. Dit zijn vragen die moeilijk of slechts in algemene zin te beantwoorden zijn. Geen enkele hulpverlener wil zich uitspreken zonder eerst de patient te hebben gezien en gesproken.

NedKAD is een kenniscentrum en verzorgt geen second opinions. Een aantal aangesloten instellingen kan dat echter wel doen.

Wat is een second opinion?

Een second opinion is een gevraagde deskundige mening over de diagnose en/of advies over de behandeling. Een second opinion geeft u als patiënt de mogelijkheid de diagnose en/of advies over de behandeling voor u zelf te toetsen (Trimbos, 2006), maar in eertse instantie dient u zelf na te gaan of de kenmerken van de diagnose overeenkomen met uw klachten alvorens tot een vraag voor een tweede advies over te gaan. Een tweede advies of second opinion kan worden gevraagd door u als patiënt of door de behandelend behandelaar. Bij een second opinion is er dus al een eerste mening over de diagnose en de behandeling.

Van een second opinion is sprake als een tweede behandelaar van minimaal hetzelfde deskundigheidsniveau een onafhankelijke mening geeft over de diagnose en/of het voorstel tot behandeling dan wel de behandeling van de eerste behandelaar. Na een second opinion wordt de behandeling niet overgenomen en wordt de patiënt terug verwezen naar de behandelend behandelaar.

Kan iedereen een second opinion aanvragen?

Ja, als patiënt heeft u het recht een second opinion te vragen. Deze vraag hoeft u niet als een belediging richting uw behandelaar te beschouwen, maar als een mogelijkheid om alles met de grootste zorg en een nieuwe blik te bekijken. Behandelaren zullen deze vraag dan ook gewoon vinden. Wel wordt verwacht dat u dit in overleg doet met uw behandelaar om tot een goede gezamelijke vraagstelling te komen. Natuurlijk kan een behandelaar ook een second opinion aanvragen. Dat gebeurt altijd in overleg met de patiënt.

Waar kan ik een second opinion aanvragen?

In principe overal. De second opinion kan echter pas beginnen als de second opiniongever in het bezit is van alle relevante gegevens voor het onderzoek en als vraagstelling en doel van het onderzoek duidelijk zijn. Als de second opinions eenmaal is toegezegd dient vast te staan op welke termijn het onderzoek kan plaatsvinden. Tijdens de second opinion wordt de behandeling niet overgenomen. U blijft onder behandeling van uw eerste behandelaar.

De uitslag van de second opinion wordt in een verslag vastgelegd. Dit bevat vaak:

  • Vraagstelling en doel, Wijze van onderzoek (welke gegevens zijn gebruikt, hoe vaak is de patiënt gesproken), (Hetero)anamnese
  • Psychiatrische voorgeschiedenis, Somatische voorgeschiedenis, Relevante gegevens van de levensloop, Familieanamnese
  • Medicatie, Psychiatrisch onderzoek, Meetinstrumenten, Somatisch onderzoek, Laboratoriumonderzoek, Diagnose en advies
  • Bespreking van de diagnose en waarom deze eventueel afwijkt van eerder gestelde diagnose(n)
  • Medicatieadvies en Psycho-educatie
  • Betrekken van het systeem, Seksespecifieke aspecten
  • Terugverwijzing of eventueel (gedeeltelijke of tijdelijke) overname van de behandeling.
  • Een verslag van het onderzoek wordt aan de vrager(s) van de second opinion gestuurd.

Voorwaarden

Voordat een second opinion plaatsvindt zal u als patiënt gevraagd worden om uw verzoek met zijn huidige behandelaar te bespreken, om zo mogelijk tot een gezamenlijke vraagstelling te komen. Er moet duidelijk aangegeven worden wat de vraagstelling is en met welk doel de second opinion wordt aangevraagd. Alle relevante gegevens moeten vooraf worden opgestuurd. U heeft als patiënt recht op inzage om deze gegevens, c.q. de opgestuurde brief van uw behandelaar, te bekijken. Uit het recht op inzage vloeit voort dat een persoon enerzijds mag weten wat over hem/haar is vastgelegd, anderzijds dat hij/zij beschermd moet worden tegen oneigenlijk gebruik van de over hem/haar vastgelegde gegevens. Pas als de opgestuurde gegevens ontvangen zijn kan het onderzoek voor een tweede advies starten, waarbij aangegeven moet worden binnen welke termijn het onderzoek kan plaats vinden en dat de behandeling tijdens de duur van het onderzoek niet door de tweede opinieverstrekker overgenomen wordt.

Bij het geven van een second opinion is een goede communicatie tussen behandelend behandelaar en de behandelaar die de second opnion geeft van belang (NVvP, 2006). De behandelend behandelaar dient in elk geval op de hoogte te zijn van het geven van een second opinion. In de praktijk kan een patiënt uit onvrede met de handelwijze, de communicatie of de besluitvorming van de behandelend behandelaar om een second opinion verzoeken. Het is echter van belang dat een verzoek tot een second opinion niet bij voorbaat wordt gezien als een motie van wantrouwen. In het algemeen zal de vraagstelling van de patiënt het beste beantwoord kunnen worden indien de behandelend behandelaar de gevraagde deskundige voorziet van alle relevante informatie en van een gerichte vraagstelling, daarbij de vragen van de patiënt verwoordend.

Het onderzoek in het kader van een second opinion kan zich toespitsen op de specifieke vragen waar een waar een second opinion voor gewenst wordt. Soms is er behoefte aan een uitgebreide inventarisatie om ‘alles’ op een rij te zetten. Het kan daarbij van belang zijn om extra aandacht te besteden aan de ernst van dediagnose, de voor, - en nadelen van reeds gevoerde behandelingen en de invloed ervan op het dagelijks functioneren en de ervaren kwaliteit van leven. Het uiteindelijke doel van de second opinion is de patiënt en de behandelend behandelaar zodanig te informeren dat de behandeling en de behandelrelatie wordt verbeterd. Een second opinion schept de mogelijkheid om vragen te stellen, helpt bij de besluitvorming, kan twijfels wegnemen, kan gerust stellen of helpen bij de acceptatie van slecht nieuws.

Literatuur

NVvP, Evidence Based RichtlijnOntwikkeling (EBRO) van de Orde van Medisch Specialisten, Richtlijncommissie psychiatrisch onderzoek bij volwassenen, Amsterdam 2006

Landelijke Stuurgroep Richtlijnen Trimbosinstituut, Multidisciplinaire richtlijn Angststoornissen, Utrecht 2006