De diagnose depressie

Mensen die last hebben van depressieve klachten hebben vooral last van een sombere stemming. U bent somber en heeft nergens plezier in of belangstelling voor. De depressieve somberheid verschilt van gewone somberheid. Het is een somberheid die niet of nauwelijks te beïnvloeden is. Gebeurtenissen waar u altijd zin in had vindt u opeens niet meer interessant. U voelt zich lusteloos. Sommige mensen die last hebben van een depressie kunnen ook last hebben van andere klachten zoals prikkelbaarheid, angsten, slaapstoornissen en gevoelloosheid. De gedachten van depressieve mensen worden vaak getekend door negatieve opvattingen over zichzelf, onzekerheid, het idee dat alles zinloos is, gedachten over schuld, en gedachten over de dood. Eindeloos gepieker, concentratieproblemen en het uitstellen van beslissingen zijn het resultaat hiervan. De lichamelijke klachten die hiermee samengaan zijn, eetproblemen, afvallen, gespannenheid, energieverlies, moeheid, traagheid of onrust, hoofdpijn en minder of geen behoefte aan seks. Vaak hangen de verschillende klachten ook met elkaar samen: slaapproblemen kunnen moeheid veroorzaken; lusteloosheid kan een verband hebben met de ontbrekende eetlust; geen zin hebben in seks kan het gevolg zijn van schuldgevoelens of onzekerheid enz.
Deze klachten kunnen een weerslag hebben op gedrag; het contact met anderen kan worden vermeden; mensen kunnen minderen of zelfs stoppen met allerlei activiteiten; depressieve mensen kunnen zichzelf verwaarlozen.
Tot slot zijn er ook klachten die bij depressie kunnen voorkomen, maar die betrekkelijk zeldzaam zijn. U kunt last krijgen van angstklachten: dat u zonder reden extreem angstig bent voor iets, bijvoorbeeld angst om flauw te vallen. Een andere mogelijke klacht is dat u last krijgt van wanen. Wanen zijn gedachten en overtuigingen die niet waar zijn.
In de praktijk wordt onderscheid gemaakt tussen een depressieve stoornis, een
dysthyme stoornis en een manisch-depressieve stoornis (bipolaire stoornis). Bij een
dysthyme stoornis is net als bij een depressieve stoornis sprake van depressieve klachten, maar de klachten zijn langduriger en meestal minder intens dan bij een
depressieve stoornis. Bij een manisch- depressieve stoornis (bipolaire stoornis) kunnen ook depressieve periodes voorkomen, maar er treden daarbij ook manische perioden op, dat wil zeggen perioden waarin iemand extreem uitgelaten of opgewonden is. Bij een manisch-depressieve stoornis is de stemming tussen manische en depressieve periodes vaak normaal.

Onze partners Nederlandse Studie naar Depressie en AngstNedKAD Silhouet