Behandeling met medicijnen bij depressie

In onze hersenen zijn stoffen actief die ervoor zorgen dat de verschillende delen van onze hersenen goed met elkaar communiceren. Deze stoffen worden ook wel neurotransmitters of boodschapperstoffen genoemd. Ze zijn belangrijk bij het regelen van gevoelens zoals angst en somberheid. Serotonine en noradrenaline zijn twee voorbeelden. Medicijnen die deze neurotransmitters beïnvloeden zijn effectief bij de behandeling van een depressie. De medicijnen worden door artsen voorgeschreven. De multidisciplinaire richtlijn raadt af om de eerste maanden van een lichte depressie meteen tot een behandeling met antidepressiva over te gaan. De meeste mensen met een ernstige depressieve stoornis krijgen als middelen van de eerste keus tricyclische antidepressiva, selectieve serotonine heropname remmers of venlafaxine en mirtazapine. Er zijn verschillen in de aard van de bijwerkingen. Uw arts zal u uitleg geven en adviseren over welk medicijn het beste bij uw situatie past.

Overzicht antidepressiva

TCAsSSRIsMAO-RemmersOverig
- clomipramine 
- desipramine
- dosulepine  
- doxepine
- imipramine
- maprotiline
- amitriptyline
- nortriptyline
fluoxetine
- fluvoxamine
- paroxetine
- sertraline
- citalopram
- escitalopram
- tranylcypromine
- fenelzine
- moclobemide
- trazodon
- venlafaxine
- mirtazapine

TCA= tricyclisch antidepressivum
SSRI= selectieve serotonine heropnameremmer
MAO-remmer= monoaminineoxidase-remmer

Onze partners Nederlandse Studie naar Depressie en AngstNedKAD Silhouet