

De behandeling van de paniekstoornis
In 2003 is in Nederland door diverse deskundigen op het gebied van de behandeling van angststoornissen een richtlijn ontwikkeld die adviezen geeft hoe angststoornissen het beste behandeld kunnen worden. In die richtlijn worden ook adviezen gegeven voor de behandeling van paniekstoornis en paniekstoornis met agorafobie. De informatie die in deze tekst gegeven wordt sluit aan op de adviezen in deze richtlijn. We geven informatie over de eerste stappen in de behandeling. Het merendeel van de mensen met een paniekstoornis is na één of meerdere van deze stappen voor een groot deel of volledig van de angstklachten af. De richtlijn geeft echter ook vervolgstappen in de behandeling aan voor mensen die dan nog onvoldoende van hun klachten af zijn. Het voert echter te ver om deze hier te beschrijven. Indien u hierin geïnteresseerd bent kunt u het beste contact opnemen met uw behandelaar of huisarts.
BELANGRIJK:
In de richtlijn worden aanbevelingen gedaan die op de meeste mensen en situaties van toepassing zijn. Het zijn algemene adviezen die nog niet ‘op maat’ zijn gemaakt voor de individuele persoon. Het is daarom belangrijk dat uw behandelaar een inschatting maakt in hoeverre en op welke manier de aanbevelingen uit de richtlijn in uw persoonlijke situatie van toepassing zijn. In de praktijk moet er regelmatig op grond van de individuele situatie van iemand worden afgeweken van de aanbevelingen uit de richtlijn. Het is belangrijk dat u uiteindelijk samen met uw behandelaar een keuze maakt hoe uw behandeling er het beste uit kan gaan zien. Uw eigen voorkeur en de ervaring van uw behandelaar spelen hierbij uiteraard een belangrijke rol.
De huidige richtlijn stamt uit 2003 en zal iedere vijf jaar herzien worden. Dit betekent dat eventuele nieuwe ontwikkelingen van ná 2003 nog geen plaats hebben gekregen binnen de aanbevelingen van de richtlijn. Uw behandelaar kan daarom op grond van de nieuwe inzichten komen tot een ander behandeladvies. Meestal zal het hierbij gaan om het voorschrijven van nieuwe medicijnen die voor angststoornissen op de markt zijn gekomen.
Voor de behandeling van de paniekstoornis zijn grofweg twee mogelijkheden: psychologische behandeling of behandeling met medicijnen. Soms wordt een combinatie voorgesteld.
Indien u een paniekstoornis heeft zonder (of met hooguit lichte) agorafobie wordt geadviseerd te starten met een vorm van psychologische behandeling, namelijk 'paniekmanagement' (verder op in de tekst wordt uitgelegd wat dit inhoud). U kunt echter ook kiezen voor een behandeling met medicijnen. Een psychologische behandeling heeft de voorkeur omdat er na het stoppen van de behandeling minder kans op terugval is. U heeft immers zelf een methode geleerd, om uw angsten onder controle te krijgen.
Bij een paniekstoornis met (meer dan alleen lichte) agorafobie wordt voorgesteld om te starten met medicijnen. Na enkele weken wordt de behandeling met medicijnen gecombineerd met een vorm van psychologische behandeling, namelijk 'exposure in vivo' (zie de tekst hieronder). Er is namelijk bekend dat de combinatie van medicatie met exposure in vivo, bij mensen met ernstige agorafobie, over het algemeen de beste resultaten geeft.